Warmteverlies door vochtige muren

Alle soorten muurvochtigheid hebben als indirekte schade warmteverlies tot gevolg. Omdat lucht een slechte warmtegeleider en daardoor een goede isolator is, zijn de poriënstrukturen van minerale bouwstoffen voor de warmte-isolatie maatgevend.

Wanneer gevelmuren nat worden, vermindert de hoge warmtegeleiding van water en de warmte-isolatie van de lucht. Daardoor worden ook de specifieke "thermisch isolerende eigenschappen" van de bouwstoffen verminderd.

Dit verlies van warmte-isolatie gaat zo ver, dat bij een stijging van de vochtigheidsgraad in de muren van 10%, het warmteverlies tot het dubbele oploopt. Hierdoor wordt dus het thermisch isolerend vermogen van de bouwstoffen be¬hoorlijk omlaag gebracht.

Om deze reden gebruikt men tegenwoordig in de nieuwbouw steeds meer hoogisolerende bouwmaterialen aan buitengevels. Het gaat erom de sterk gestegen energiekosten zoveel mogelijk te beperken.

Hier moet echter duidelijk gesteld worden dat het gebruik van thermisch isolerende bouwmaterialen alleen effektief is, wanneer de poriën van de bouwstoffen inderdaad met lucht en niet met regenwater gevuld zijn.

Wanneer gevelmetselwerk maar 4 tot 6% water bevat wordt de warmte isolatie afhankelijk van de bouwstof tot het dubbele verhoogd. In gunstige gevallen zelfs meer.